Werken met stijlen

Een van de belangrijkste functies in tekstverwerking is het werken met stijlen. Het bespaart je heel veel tijd en zorgt ervoor dat je een mooi gestructureerd document hebt.

In dit hoofdstuk leer je:

  • werken met opmaakprofielen
  • een inhoudsopgave automatisch laten genereren op basis van de opmaakstijlen in het document
  • voetnoten invoegen

Oefeningen   

Stijlen

Met behulp van een stijl (ook wel opmaakstijl genoemd) kan je eenvoudig een bepaald stuk tekst opmaken. Meestal pas je een stijl toe op een titel. Enkele typische stijlen voor een titel zijn:

  • Titel
  • Ondertitel (of subtitel)
  • Kop 1
  • Kop 2
  • Kop 3

Werkwijze

Om van tekst een titel te maken:

  • Selecteer de op te maken titel
  • Kies een stijl uit de Stijlen-lijst

Indien je een stijl ongedaan wil maken:

  • Selecteer de tekst
  • Kies de stijl “Normaal” of “Normale tekst”

Een stijl bewerken

Een groot voordeel van werken met stijlen is dat je de opmaak van een stijl eenvoudig kan wijzigen. Wanneer je de stijl wijzigt, zal elke tekst die deze stijl heeft, aangepast worden. Heb je bijvoorbeeld 5 titels de stijl “Titel” gegeven en je kiest ervoor om de opmaak van je titels te wijzigen, dan dien je enkel de stijl “Titel” te wijzigen en alles zal geüpdatet worden.

Bij de meeste tekstverwerkingsprogramma’s kan je de stijl wijzigen door rechtermuisknop op de stijl te klikken en “bewerken” aan te duiden. Bij het bewerken heb je tal van instellingen. Bekijk deze zeker eens, want ze hebben soms heel wat voordelen.

Werken met koppen

Wanneer je werkt met stijlen, haal je pas een groot voordeel wanneer je werkt met koppen. Dit is zeer handig wanneer je een groter document hebt, met meerdere titels en ondertitels. Met behulp van koppen bepaal je structuur in je document. Kijk hiervoor naar dit voorbeeld.

Inhoudsopgave

Een inhoudsopgave geeft je lezer een duidelijk overzicht wat er in je document terug te vinden is. Werk je aan een document met meerdere hoofdstukken en verschillende ondertitels, dan is het handig dat de inhoudsopgave automatisch voor jou gegenereerd wordt. Wanneer je dit allemaal handmatig zou moeten uitvoeren, neemt dit veel tijd in beslag en zijn fouten snel gemaakt.

Indien je van zo een automatische inhoudsopgave gebruik wil maken, moet je met de koppen werken (Kop 1, Kop 2, …).

Leerkracht informatica?

Mis niets van onze nieuwe oefeningen, video’s en veel meer dankzij de nieuwsbrief en onze Facebook-pagina!

Stel je vraag!

Iets niet gevonden op onze website? Heb je hulp nodig? Wij helpen je graag verder.